Image for post
Image for post

Elke avond, vlak voordat ik ga slapen, zie ik ze voor me.

Elke avond. Alsof ze mijn hoofd binnenkomen, een stoel pakken, en gaan zitten. Ik zie ze, ik voel ze.

Ze komen elke avond. ‘s Ochtends zijn ze wel weer weg, en stort ik me gewoon weer helemaal in mijn eigen leven. Mijn werk, mijn zelfhulpboeken, mijn huidige Sudoku verslaving (don’t ask, de corona doet gekke dingen met de mens).

Maar ik kan de klok er inmiddels op gelijk zetten dat ze ergens na het eten verschijnen. Ze verwachten niks, ze zijn er gewoon. Dat ik bewust van ze ben is op dit moment genoeg.

Ik zie ze perfect voor me. Zijn scherpe junkbeenderen, haar serieuze uitdrukking. Ik zie hun moeder, hun vader. Ik weet wat ze voor werk doen, wat ze belangrijk vinden. Ik weet waar zij bang van is. Ik ken ze.

Maar ik weet nog niet alles. Ik krijg niet scherp hoe zij met een probleem omgaat. Ik weet dat hij ergens heilig van overtuigd is, en koortsachtig op zoek — maar ik weet nog niet wat.

Als ik ga slapen, doe ik ook mijn best om erachter te komen.

Elke avond doe ik na het lezen mijn ogen dicht en kijk ik met ze mee.

Loop ik met haar mee over de gang in haar werk. Kijk ik wat er aan staat op de televisie in haar woonkamer. Vind ik de propjes papier op zijn vloer, net als zij. Kijk ik mijn ogen uit in de ruimtes waarin hij zich bevindt.

Ik kijk naar hoe ze naast, en tegenover elkaar staan. Ik zie hoe de stukken op het schaakbord zich om hen heen zich bewegen, tot ik weer in de war raak omdat ik met die bewegingen niet tot een schaakmat kom.

‘Opnieuw,’ zucht er dan iets in mij. Dan begin ik weer bij het begin, tot ik uiteindelijk in slaap val.

Als ik ‘s ochtends wakker wordt denk ik aan koffie, aan de kat eten geven en aan mijn mailbox.

Maar ‘s avonds zijn ze er weer.

Dit is inmiddels al maanden gaande. Die onverklaarbare, afwachtende aanwezigheid van die twee mensen en hun verhaal in mijn hoofd. Waar ik geen last van heb, maar gefascineerd naar kijk, omheen loop, af en toe eens in prik.

De personages schreef ik weken geleden al uit, de scene lijst is half af. Er zitten nog een paar plot holes ter grootte van Canada in het totaal (maar ik krijg het elke dag maar een millimeter verder dicht) maar…er is een plot.

Ik denk dat ik het nog heel zwaar ga krijgen. Het is totaal onbekend gebied, uit mijn comfort zone, een nieuwe situatie waarin ik met mijn eigen tekortkomingen en frustraties zal moeten omgaan.

Ook denk ik dat je straks geen normaal gesprek meer met me kan voeren. Ik merk nu al hoe verstrooid ik ben, volledig in gedachten verzonken na zevenen. Ik denk dat ik bijna niet meer aanspreekbaar zal zijn als ik me hier nu echt op ga toeleggen.

Op die twee mensen. en hun verhaal.

Ik heb altijd gedacht: “ik voel het wel als ik klaar ben voor fictie.”

Nou, jongens. Volgens mij zijn we er.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store