De Niet Per Se Sexy Levenslessen van 2020

Image for post
Image for post
Mariet Mons

In de traditie van de afgelopen jaar ook nu weer een stukje met mijn belangrijkste lessen van 2020. Dat ik hopelijk maar nieuwe lessen opdoe in 2021.

Ik hou gewoon van hard werken (i.e. werkverslaafd)

Het afgelopen jaar behelsde een interessante tegenstelling: minder werken en meer werken.

Ik begon 2020 met het plan om minder te gaan werken zodat ik me meer kon richten op alle andere dingen: nog meer schrijven, misschien nog een podcast, misschien iets met comedy, whatever. Ik had niet volledig duidelijk wat allemaal, alleen dat ik wat tijd wilde vrijspelen voor alles waar ik geen tijd voor heb maar wel wil.

En dus ging ik vanaf 1 april van 0,8 naar 0,7 fte. Dat klinkt als een minimaal verschil, maar dat betekende wel een extra vrije dag elke twee weken die ik kon inzetten voor allerlei dingen.

En dat deed ik ook: ik ging dan namelijk naar mijn ouders.Of lunchen met iemand. Of naar een vriendin. Of boodschappen doen. Of een RuPaul’s Drag Race seizoen nog een keer kijken.

Begrijp me niet verkeerd, zo’n extra vrije dag was relaxed — maar ik kreeg het (mogelijk mede door corona) totaal niet voor elkaar om er echt een dag voor creatieve projecten van te maken.

Na een half jaar begon ik me dus ook een beetje achter mijn oor te krabben over deze constructie. Het was dan wel chill, zo’n vrije dag extra, maar had totaal niet het gewenste effect; ik had niet meer geschreven, meer dingen gemaakt.

Daarbij…nu ik vrijwel alleen maar thuis was en ik zoveel minder te doen had buitenshuis? Stortte ik me juist vol overgave op mijn werk.

Ik begon vroeg en kroop regelmatig pas rond een uur of zes achter mijn laptop vandaan. Ook vanuit mijn thuiskantoor vond ik mijn werk het allerleukste dat er is, en nu ik minder andere dingen te doen had ging ik al snel “gewoon nog even een uurtje werken”.

En na een tijdje realiseerde ik me dat ik waarschijnlijk onder de streep nog even veel uren maakte (en misschien bij tijd en wijle zelfs meer); het voelde alleen als minder doordat ik ze nu maakte in drie òf vier dagen, en doordat ik geen energie kwijt was aan heen en weer reizen.

Het gegeven dat ik niet meer creatieve output leverde èn dat ik het eigenlijk heerlijk vind om goed gevulde dagen te hebben zette me weer aan het denken. Ik had met 0,8 fte ook twee boeken geschreven, vrij consequent geblogd en allerlei andere dingen tussendoor gedaan. Blijkbaar gedij ik gewoon goed onder een vol schema — als ik maar wel de mogelijkheid krijg om ook veel te introverten, maar daarover later meer.

Toen mijn team te maken kreeg met stevige onderbezetting en een aankomend zwangerschapsverlof hakte ik de knoop door: nu gaan we weer een tijdje méér werken.

Ik vind het leuk en ik doe het ei-gen-lijk stiekem al — might as well get paid for it.

Dan ben ik maar moeilijk

In 2019 schreef ik over de niet-per-se-sexy-levensles dat iets met mijn naam erop mijn verantwoordelijkheid is en dat ik daarom moet blijven opletten.

Zolang dingen mijn naam dragen, in essentie van mijn hand komen, moet ik het zelf goed in de gaten houden. Of dat nou gaat over boeken, werkprojecten, stukjes, podcasts, projecten: Maakt niet uit. Ik moet op blijven letten, vragen blijven stellen, doorvragen en vasthouden, de puntjes op de i zelf altijd bedenken en regelen.”

2020 dacht: CHALLENGE ACCEPTED. Ga jij maar eens aan de bak met je grote bek.

Ik wil er nu niet meer teveel woorden over kwijt (ik heb in december in een podcast aflevering hier wel nog wat over gezegd, die komt later in 2021 uit), maar ik heb in 2020 heel de tijd moeten opletten als het over mijn tweede boek ging. Als ik niet oplette, dan ging het een aantal keer bijna fout.

Dat opletten is voor mij naast mijn werk en de andere prioriteiten lang niet makkelijk, en dat opletten betekende ook dat ik steeds diegene was die de shit ontdekte, en een aantal keer vol in de ankers moest — of met mijn kont tegen de krib.

En wat me daaraan is opgevallen was dat het niet uitmaakte hoe ik het deed.

Ja, het maakte wel uit hoe ik het deed voor het eindresultaat; zonder temper tantrum van mijn kant kwam er geen actie in de taxi. Maar of ik nou extreem diplomatiek of vriendelijk deed, of juist kort of kortaf, het maakte geen reet uit voor het gevoel dat ik ervan kreeg.

Ik kreeg altijd, elke keer, het gevoel dat ik ontzettend moeilijk deed.

Daar heb ik best wel last van gehad. Ik vind het namelijk helemaal niet leuk om “moeilijk te doen” en om het gevoel te hebben dat mensen vinden dat ik maar moeilijk doe. Ik wil net als iedereen ook gewoon aardig gevonden worden.

Maar op een bepaald moment heb ik het losgelaten. Om het resultaat te krijgen, om te zorgen dat iets goed gebeurde, kon het blijkbaar niet anders.

Dus dan maar moeilijk. En…misschien iemand die beter alleen werkt.

Ik wil eerlijk kunnen zijn, en dus ook eerlijk kritiek kunnen leveren

Eigenlijk wel in het verlengde van hier boven: ik ben geen makkelijke, maar ik ben wel duidelijk en eerlijk. Ook als er iets niet goed gaat of als ik iets niet goed vind.

Ik kwam er ook in 2020 achter dat ik van mijn hart geen moordkuil wil maken, en dus gewoon heel veel op tafel gooi van wat ik vind. En, veel verderreikend dan bij het vorige stukje, omdat ik hier dit jaar ook erg tegenaan liep binnen mijn werk en de samenleving, merk ik dat maar weinig mensen ècht goed feedback en/of kritiek kunnen hebben.

Ik mag dan geen perfectionist meer zijn, ik heb wel eisen. Die eisen stel ik dus ook regelmatig aan anderen, in het belang van ons allemaal. In het belang van mijn werk, een eindproduct, het grotere doel. Ik heb geleerd los te laten voordat het perfect is (anders komt er nooit iets af) maar tot die tijd ben ik on top of my shit. Ik identificeer me dan ook zeer met Beyonce, die in haar Vogue interview zegt: It takes patience to rock with me. Dat is bij mij ook.

Ik vraag me regelmatig af hoe het kan dat zoveel mensen maar half (als je gelukt hebt) werk leveren, en dat we nergens iets van kunnen zeggen zonder ons in een wespennest van gekrenkte ego’s en politieke spelletjes te begeven.

Tuurlijk, foutje kan gebeuren en ik kan er ook mee dealen dat dingen die lager op de prioriteitenlijst zijn ook later aan beurt komen. Daarbij: ik, als vergeetachtige chaoot met drieduizend dingen tegelijk, vraag geen perfectie van een ander.

Maar als ik voor de derde keer door een collega wordt afgescheept met foute (!!) algemene informatie, dan word ik pissig. Als een student voor de derde keer niet op komt dagen op een afspraak (terwijl mijn agenda ramvol zit) of voor de zoveelste keer iets vraagt waar ik al drie keer antwoord heb gegeven, ga ik even rood voor de ogen.

En dan zeg ik daar dus iets over. Ik ga geen maagzweer ontwikkelen uit frustratie omdat een ander z’n shit niet op orde heeft.

En ook, zoals ik vorig jaar al schreef:

En het mooie is dat zodra ik mijn eerste driftkikker-reactie uit mijn systeem heb, er een hoop rustig uit te praten valt. Dan ben ik weer mijn rustige, vrolijke en energieke zelf die niet van binnen wordt opgevreten door opgekropte irritatie en woede. Alle energie is er dan gelijk uit.

Mede daardoor ben ik ook veel relaxter geworden, en kan ik dingen veel makkelijker loslaten.

Maar, ik kan misschien in 2021, de ander iets meer voorbereiden op mijn manier van communiceren en werken. Dat het vanuit mij juist een teken van wederzijds respect en vertrouwen is als ik iets zie en uitspreek, dat het nooit een aanval is op iemand als persoon maar juist een reactie op iemands werkwijze of gedrag. We krijgen wat nieuwe teamleden in 2021, dus mogelijk een goede om mee te beginnen.

Het is fijn om iets maatschappelijk bewusts te doen

In 2020 legde ik de focus heel bewust op meer geven.

Ik werd voorlezer bij de Voorleesexpress, ik maakte twee e-boekjes voor goede doelen. Het receptenboekje voor Because We Carry deed het supergoed en ik doneerde 800 euro aan de organisatie die helpt bij de vluchtelingencrisis in Moira.

Het eboekje met kattenverhalen voor de Dierenvoedselbank deed het in vergelijking dramatisch slecht, en ik haalde 50 euro binnen voor de Haagse Dierenvoedselbank, die mensen die het financieel zwaar hebben helpt met wel kunnen zorgen voor hun huisdieren.

(Misschien slechte timing door het meteen de maand na het eerste e-boekje te doen, of ik word toch vooral gevolgd door VVD-ers die vinden dat je geen huisdieren moet hebben als je weinig geld hebt (grapje), geen idee)

Ook doneerde ik mijn thuiswerkvergoeding aan een fonds voor Rotterdammers die in financiele nood zitten en ruimde ik plastic op in de wijk (bij het zoeken naar onze katten, verhaal in het kattenboekje voor de geïnteresseerden, mee begonnen en nooit meer helemaal mee opgehouden).

Dit neem ik mee naar 2021. Als we allemaal voor elkaar en onze omgeving zorgen, word de wereld er echt wel een stukje beter op.

Ik heb het kluizenaarsgen, en moet daarop letten

In mijn droomleven ben ik elke dag minstens 3 uur alleen.

Ik laad alleen op van ‘introverten’, alleen ergens mee bezig zijn. Of dat nou schrijven, chillen, Netflixen of gewoon tuttebellen is: ik moet alleen zijn. Dus heel eerlijk, ik heb in 2020 heel erg genoten van het vele thuiszijn. Tuurlijk, Vin en ik zaten samen in een huis, maar ik spendeerde ik toch veel van de dag alleen op mijn lievelingsplek: aan mijn bureautje in mijn eigen werkkamer.

Maar in 2020 merkte ik ook dat ik me steeds meer ging terugtrekken.

Dat naar buiten gaan, of een afspraak maken, steeds verder van me af ging staan. Dat ik me steeds meer terugtrok in mijn innerlijke wereld in plaats van de buitenwereld.

En ik moet een beetje op de balans blijven letten.

Toen ik in november in de bibliotheek kwam en daar vol interesse een kwartiertje door een mini expositie over spotprenten wandelde, besefte ik me dat dit het meest cultureel -stimulerende was dat ik het hele jaar had gedaan èn dat ik heel regelmatig kies om dagenlang nergens naartoe te gaan (mede doordat de corona-buitenwereld me intens deprimeert), waardoor ik steeds minder meemaak en ervaar.

En ik heb ook juist nieuwe ervaringen, prikkels en avonturen nodig.

Dat is voor mij iets om op te letten in 2021.

Image for post
Image for post

Ik mag meer naar mijn hart luisteren

In de laatste Self Help Hipster Podcast aflevering (de XL 2020 recap) zeg ik het al: ik wil in 2021 meer naar mijn hart luisteren.

Hartstikke leuk die werkverslaving, hoge eisen en mijn mega-ego, maar ik maak het mezelf daarmee ook niet altijd makkelijk. Ik zet daardoor soms een megamuur om mezelf heen, zet mijn stekels uit als ik geen zin heb in gezeik en loop soms ook totaal mijn eigen gevoel voorbij.

Ik mag ook wel weer wat zachtheid terugbrengen, en mijn hart weer wat meer open zetten. Wat meer verbinden met hoe ik me voel, meer voelen.

Daar ben ik dus ook al mee begonnen; ik mediteer inmiddels weer elke ochtend, en doe met name meditaties die me helpen mijn hart weer wat meer open te stellen.

Conclusie

Het was een leerzaam jaar, waarin ik zowel verder ontwikkelde op het gebied van Harde Tante als Zachtgekookt Ei.

Prima. Eens kijken wat 2021 voor ons in petto heeft.

Written by

Writer & Self help junkie (32) with two books (2018, 2020) in Dutch bookstores. Personal stories (Dutch) and miscellaneous other articles (English).

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store